De koopkracht is voor het derde opeenvolgende jaar gestegen. Werknemers hadden de grootste groei, terwijl gepensioneerden met hogere inkomens een lagere stijging ondervonden. In 2025 nam de koopkracht gemiddeld toe met 1,2 procent, voornamelijk door cao-lonen die met 5,0 procent stegen. Werknemershuishoudens profiteerden het meest van deze groei, terwijl gepensioneerden en zelfstandigen beperktere stijgingen zagen door belastingmaatregelen. De koopkrachtstijging hangt samen met de inkomensbron van het huishouden. Werken aan verdiensten, baanverlies en belastingaanpassingen waren van invloed op de koopkracht.